Posts tonen met het label geschiedenis. Alle posts tonen
Posts tonen met het label geschiedenis. Alle posts tonen

Vijf redenen waarom Berlijn de leukste stad ter wereld is

maandag 21 april 2014

In november 2012 had ik te kampen met een kortstondige, maar hevige opflakkering van verliefdheid. Met de gekende symptomen: vlinders in de buik, en het gevoel de hele wereld aan te kunnen. De reden? Mijn allereerste bezoek aan de Duitse hoofdstad Berlijn.

Ik had er op dat moment al veel over gehoord en gelezen, maar vond het op één of andere manier toch moeilijk om me er in mijn hoofd een concreet beeld over te vormen. Ik ging er dus heen zonder grote verwachtingen, en werd vervolgens van mijn sokken geblazen.

Ik ben iemand die erg graag op reis gaat. Ik voel me quasi overal vrij snel op mijn gemak, en geniet ervan om nieuwe indrukken op te doen en interessante mensen te ontmoeten. Maar tegelijk ben ik ook honkvast, ben ik zelfs altijd content als ik weer thuis ben. Dat was anders na Berlijn. Net als op eerdere reizen viel er opnieuw zoveel te ontdekken en te ervaren, maar tegelijk voelde alles er op een vreemde manier ook vertrouwd aan. Ik weet ook wel dat het raar is om zoiets te zeggen over een stad waar je nog nooit geweest bent, maar op één of andere manier vond ik er meteen m'n draai, voelde ik me er meteen -tsjah- thuis...

In dit artikel wil ik, naar aanleiding van een herhalingsbezoekje deze paasvakantie, proberen te vatten waarom Berlijn sinds dat eerste bezoek zo'n speciaal plekje in mijn hart heeft veroverd. Ik zeg expres: proberen. Want eigenlijk moet iedereen er gewoon zelf naartoe, om uit te vissen wat die stad nu precies met een mens doet. Maar jullie zijn gewaarschuwd: het zal een ervaring zijn die aan je vel blijft kleven. Hierbij enkele redenen waarom ik Berlijn de leukste stad ter wereld vind:

1) Alles in Berlijn ademt geschiedenis

Geschiedenisnerds, beware! Berlijn is voor de hedendaagse geschiedenis wat Rome voor de klassieke oudheid is. De stad speelde een sleutelrol in de wereldgeschiedenis van de afgelopen 100 jaar, en dat is overal te merken: in de diverse wijken, die elk hun eigen karakter hebben, maar ook in de talrijke musea die Berlijn rijk is. Als een stad oren en ogen zou hebben, dan weet ik zeker dat Berlijn straffe verhalen en roddels zou kunnen vertellen! Wij focusten ons dit keer op een specifieke periode in die recente geschiedenis. Een periode die een grote impact heeft gehad op Berlijn, Duitsland, en zelfs Europa: de jaren van de Koude Oorlog. Wij volgden daarvoor onderstaand traject:





















East Side Gallery - Het langste deel van de Berlijnse Muur dat nog overeind staat, en na de Wende beschilderd werd door een kunstenaarscollectief. Toeristisch, maar eigenlijk niet te missen om de omvang en de impact van die Muur volledig te laten doordringen.

















DDR-wachttoren in de buurt van Potsdamer Platz. Werd destijds gebruikt om de Muur te bewaken, en ervoor te zorgen dat niemand zonder toestemming van het oosten naar het westen ontsnapte. Je kan de toren ook beklimmen, maar toen wij er waren was hij helaas gesloten.





.


Het DDR-museum - hier kom je heel veel te weten over het dagelijkse leven van de Oost-Duitsers van de jaren '60 tot aan de val van de Muur. Hoe zag een schoolcarrière eruit, waar gingen ze op vakantie en waar deden ze inkopen? Geen saaie bedoening met ellenlange tekstborden die je moet lezen, want het museum is erg praktijkgericht: bijna alles wat je ziet, mag je vastpakken en aanraken.
















Het Stasimuseum - Hoofdkwartier van Stasi-chef Erich Mielke en de zijnen, middenin de hoogbouwwijk Lichtenberg. Meer een museum oude stijl, met tekstpanelen en uitgestalde voorwerpen in glazen kasten, maar heel informatief voor wie interesse heeft in de Koude Oorlog, spionage en afluisterpraktijken. Ook erg speciaal om door de bureau's en vergaderzalen van de Stasi-toplui te dwalen, die sinds de val van de Muur onaangeroerd zijn gebleven.

























Gedenkstätte Hohenschönhausen - Stasigevangenis waar politieke dissidenten en verdachten werden ondervraagd en opgesloten, soms jarenlang en zonder enige vorm van proces. Kan enkel bezocht worden door mee te gaan met een rondleiding, maar die is erg goed en wordt vaak gegeven door ex-gevangenen. Heel beklijvend, de minder mooie kant van het Oost-Duitse regime komt hier uitgebreid aan bod. Ook de permanente tentoonstelling is de moeite.

2) Berlijners zijn zondagskinderen

Inwoners van Berlijn kruipen op zondag niet in hun zetel om een serie te kijken, zoals wij. Winter of zomer: aan het einde van de week trekken ze graag naar buiten. Twee ingrediënten voor een geslaagde zondag in de Duitse metropool:

* Je kater weg eten bij een brunch of een uitgebreid ontbijt. Serieus, waar ter wereld kan je overal ontbijt bestellen tot 17u???

* Erna lekker snuisteren op één van de vele flohmarkten.

Kortom, my kind of Sunday!
















Ronddwalen op de flohmarkt am Mauerpark in Prenzlauerberg


3) Uitgaan in Berlijn: 365 dagen uitgelaten festivalsfeer

Aan de idyllische zondagnamiddag die ik hierboven beschreef, is erg vaak een lange uitgaansnacht vooraf gegaan. Want als er één ding is dat Berlijners goed kunnen, dan is het een feestje bouwen. De stad is het mekka voor liefhebbers van techno en elektro, en ook wie niet meteen thuis is in deze genres (zoals ondergetekende), zou tijdens een bezoek aan Berlijn minstens één bezoek aan een club moeten inlassen. Is het niet voor de muziek en de uitgelaten sfeer, dan tenminste wel voor de unieke locaties. Berlijn heeft clubs in houten barakken aan het water, in oude elektriciteitscentrales en in leegstaande fabrieksgebouwen. Voor ieder wat wils dus. Kies er één uit, en je gaat een nacht tegemoet die je niet vlug zal vergeten!















Watergate - club met een fantastisch uitzicht op de Spree, op de grens tussen de wijken Kreuzberg en Friedrichshain.














Tresor - dansen op technobeats in de kelders van een oude energiecentrale. Waanzinnig luid, maar ook waanzinnig cool!

4) Berlijn is een stad vol bijzondere plekken

Niet alleen 's nachts kijk je je ogen uit. Ook als je overdag gewoon wat doelloos rondloopt of rondfietst, beland je vanzelf op de meest bijzondere plaatsen. Een oud vliegveld dat nu gebruikt wordt als park, wielerpiste en barbecueplaats in één? Check! Een verlaten pretpark uit de DDR-jaren, waar je net voor de sloop nog een rondleiding kan volgen? Check! Een braakliggend terrein middenin de stad, waar groene jongens en meisjes groenten telen? Check! Niets is te gek, Berlijn has it all...
















De voormalige luchthaven Tempelhof in de wijk Kreuzberg






















Oude attracties in het Spreepark

















Genieten van een verse groentenlunch op de terreinen van de Prinzessinnengarten, een urban gardeningproject in Kreuzberg.

5) Berlijn is een klein paradijs voor fietsers

Wat je moet weten is dat Berlijn geen echt centrum heeft. Wel zijn er verschillende wijken, die elk hun eigen karakter en bezienswaardigheden hebben. Dat maakt van Berlijn best een uitgestrekte stad. Te voet op verkenning gaan kan zeker, maar dan leg je al snel de nodige kilometers af. De stad heeft ook een goed systeem van metro's en trams, maar dat is best duur, en zo zie je ook weinig. Een goede tussenoplossing is de fiets. Berlijners fietsen zelf ook veel, want de stad leent zich daar erg goed toe: weinig hellingen of bergen, en op sommige plaatsen zelfs aparte verkeerslichten voor fietsers. De fietspaden zijn over het algemeen breed, maar soms ook gewoon totaal afwezig. In dat geval kan je gerust op het voetpad rijden. Geen idee of het officieel mag, maar iedereen doet het gewoon.

















Berlijn, thanks for having us, en hopelijk tot snel!


Leesvoer #2: Back in the DDR

woensdag 12 maart 2014

Normaal gesproken ben ik nogal een fictielezer. Romans van binnen- of buitenlandse auteurs, moeilijk of iets toegankelijker, dik of dun: het passeert hier allemaal wel eens de revue.

In tijden van lezen op tablets en e-readers deed ik onlangs iets nostalgisch: ik maakte me lid van de bibliotheek in de provinciestad waar we 3 jaar geleden zijn komen wonen. Als kind en zelfs als puber was ik een echte bibliotheekfan. Ik hield ervan om zo vaak mogelijk tussen de rekken te snuffelen, op zoek naar nieuw leesvoer. Een gewoonte die tijdens mijn periode als kotstudent een beetje in onmin is geraakt. Moge de literatuurgoden het mij vergeven...

Maar nu is deze afvallige bib-bezoekster dus helemaal terug van weggeweest! Tijdens mijn laatste ronde langs de boekenrekken stootte ik op deze 2 exemplaren:





Beide boeken vond ik terug toen ik op zoek was naar een reisgids voor een midweek Berlijn, later dit voorjaar. Het zal de derde keer in 18 maanden tijd zijn dat ik een bezoek breng aan de Duitse hoofdstad. Een van de redenen waarom ik zo verslingerd ben aan Berlijn, is omdat alles in de stad geschiedenis lijkt uit te ademen. Het was als het ware het epicentrum van de 20ste eeuw. Berlijn was het machtsbastion van de nazi's, en de stad waar Hitler ten onder ging en uiteindelijk zelfmoord pleegde. Nog later werd de Koude Oorlog er voor veel mensen dagelijkse realiteit, toen de stad 28 jaar lang in twee werd verdeeld door de Berlijnse Muur. De geschiedenis hangt als het ware als een aura boven de stad, en maakt dat Berlijn veel meer is dan alleen maar een hippe metropool...

Maar over die recente geschiedenis van Europa in het algemeen en Berlijn in het bijzonder heb ik op school nooit veel geleerd. Of het is in ieder geval toch niet blijven hangen. Door deze 2 boeken te lezen heb ik geprobeerd om die gaten in mijn algemene kennis een beetje op te vullen.

"De dag waarop de DDR mijn moeder meenam" is het persoonlijk relaas van de Oost-Duitse Katrin Behr. In de jaren '70 brengt zij haar jeugd door in opvangtehuizen en pleeggezinnen, terwijl haar moeder - wegens staatsgevaarlijk - door de Stasi gevangen wordt gehouden. De staat dwingt Katrins moeder uiteindelijk om haar dochter af te staan voor adoptie. Ze komt terecht bij een regimegezind gezin, dat haar moet opvoeden tot een socialistische modelburger. Pas veel later, na de val van de Muur, komt ze erachter dat diezelfde maatschappij, waarvan ze de basisprincipes met de paplepel heeft meegekregen, aan de basis ligt van haar uiteengescheurde familie. Het boek is niet altijd even vlot geschreven en had wat mij betreft een pak korter gemogen. Maar het geeft wel een goed beeld van het dagelijks leven in de DDR in het algemeen, en de praktijk van gedwongen adopties in het bijzonder. Katrin Behr zelf, die vat het als volgt samen:

"Onder dwang geadopteerde kinderen, die vaak al op zeer jonge leeftijd bij hun ouders zijn weggehaald, zijn de jongste slachtoffers van de DDR. Ze waren te klein om zichzelf te verdedigen, overgeleverd aan de beslissingen en besluiten van volwassenen. En tot op heden ondervinden ze de gevolgen aan den lijve. (...) Niet alle slachtoffers van de dictatuur hebben dezelfde status binnen het collectief bewustzijn."

"Stasiland" zoomt dan weer in op 1 bepaald aspect van de DDR. Maar wel eentje dat tot de verbeelding spreekt. De Stasi of Staatssicherheit was de geheime dienst van de Duitste Democratische Republiek, en volgens kenners één van de meest efficiënte inlichtingendiensten uit de wereldgeschiedenis. De cijfers spreken elkaar tegen, maar algemeen wordt aangenomen dat tijdens de hoogdagen van het regime 1 op de 50 DDR-burgers voor de Stasi werkte, officieel of als burgerinformant. Hun belangrijkste bezigheid? Politieke tegenstanders ontmaskeren en hun leven kapot maken.

Anna Funder, een Australische journaliste, zocht een aantal van die zogenaamde dissidenten op en tekende hun verhaal op. Een moeder die in het oosten woont, maar haar zieke baby moet achterlaten in een ziekenhuis in het westen. De frontman van een regimekritische muziekgroep, die letterlijk monddood gemaakt wordt. Een jong koppel, waarbij de man in verdachte omstandigheden overlijdt nadat ze een aanvraag doen om naar het westen te mogen emigreren. En een vrouw die geen carrière meer kan maken bij de overheid, omdat ze weigert om als informant aan de slag te gaan. Allemaal getuigenissen uit eerste hand, die het leven onder de Stasiterreur een stuk tastbaarder maken. Maar Funder is erin geslaagd om een evenwichtig verhaal te vertellen, waarin ze ook de andere kant van de medaille niet onderbelicht laat. Zo laat ze ook de tv-presentator van propaganda-uitzending Aktuelle Kamera aan het woord, en de geograaf die destijds in opdracht van Erich Mielke de contouren van de Berlijnse Muur uittekende.

Kortom: weer veel bijgeleerd na mijn bibbezoek. Die lidkaart was een goede investering, daar ben ik nu al zeker van!

Leesvoer #1: "Alleen in Berlijn" - Hans Fallada

woensdag 12 februari 2014





"Ooit heeft dit paar, Otto en Anna Quangel, geleefd. Hun protest is op dovemansoren gestuit, blijkbaar hebben ze voor niets hun leven gegeven voor een hopeloze strijd. Maar misschien toch niet helemaal hopeloos? Misschien toch niet helemaal voor niets? Ik, de auteur van een roman die nog geschreven moet worden, hoop dat hun strijd, hun lijden, hun dood niet helemaal voor niets zijn geweest."

Hans Fallada - auteur "Jeder stirbt für sich allein" (vertaald als "Alleen in Berlijn")

Het kan niet anders of het gerechtelijk dossier van het arbeidersechtpaar Otto en Elise Hampel moet Hans Fallada mateloos geïntrigeerd hebben. De Duitse auteur krijgt het amper 90 pagina's tellende document in handen in 1946, kort na het einde van de oorlog. Hij ziet er meteen stof in voor een roman. Al na enkele weken levert hij het manuscript in voor wat één van de eerste anti-naziboeken na het einde van de Tweede Wereldoorlog zal worden. Kort daarna sterft hij, aan de gevolgen van een getroebleerd leven, verslaafd aan alcohol en morfine.

"Alleen in Berlijn" is gebaseerd op waargebeurde feiten, en vertelt het verhaal van de veertiger Otto en zijn vrouw Anna. Twee brave burgers, die niet bijzonder politiek geëngageerd zijn, maar die de Führer desondanks wel een warm hart toedragen. Dat verandert wanneer hun enige zoon sneuvelt aan het front in Frankrijk, en de zinloosheid van de oorlog pas ten volle tot hen doordringt. Als kleine daad van verzet beginnen ze in heel Berlijn met het verspreiden van kaarten en brieven met anti-Hitlerslogans, die ze achterlaten op trappen en vensterbanken van appartementsgebouwen. Een actie waarmee ze de bevolking hopen wakker te schudden.

Berlijn is een vat vol historische verhalen, en dit boek zoomt in op een bijzondere episode: de beleving van de eerste oorlogsjaren bij de gewone man en vrouw in de straat. Algemeen wordt aangenomen dat het Derde Rijk tijdens die periode bevolkt werd door 3 soorten mensen: partijleden- en aanhangers, verzetshelden en meelopers. Dit boek toont aan dat er ook nog een vierde categorie bestond: burgers die wel dapper genoeg waren om met kleine daden van verzet de goed geoliede machine die het naziregime was, te verstoren. Een kanttekening bij de geschiedenis dus, maar wel een hele interessante, vind ik.

Maar vergis je niet: de Gestapo was onverbiddelijk voor zulke 'verraders'. De lotgevallen van het echtpaar Quangel, die Hans Fallada beeldend beschrijft, zijn mensonterend en bezorgen de lezer koude rillingen. Maar minstens even treffend zijn de nevenpersonages die de auteur schetst in het boek. Hun functie is belangrijker dan op het eerste zicht lijkt: ze laten je voelen hoe het moet geweest zijn om begin jaren '40 in Berlijn te wonen. Het klimaat van angst dat er destijds heerste, het gevoel constant en door iedereen bespioneerd, betrapt of verraden te kunnen worden: het liet me na de laatste pagina achter met een onaangenaam gevoel...

Het gerucht doet de ronde dat de mensen achter "Good bye Lenin!" plannen hebben om het boek te verfilmen. Met zo'n onwaarschijnlijk en pakkend verhaal kan dat alleen maar goede cinema worden.
Made With Love By The Dutch Lady Designs